Natuur

ANTWERPSE FLORA

De Antwerpse plantenkenner Erik Molenaar bezorgde nieuws over de inventarisatie van enkele ‘natuurgebieden’ in de stad Antwerpen. Hij heeft zo zijn bedenkingen over het beheer ervan en het toezicht erop. Een lentebezoek aan het 3,5 ha grote Domein Hertoghe leverde de waarneming op van enkele onbeschermde populaties Heelkruid. Het domein heeft te lijden onder een massa paardenkastanje-zaailingen en een expansie van de Chinese liguster. Wat het nabije Hof van Leysen betreft (Provinciaal Groendomein) is de toestand niet veel beter, het terrein wordt te veel voor allerlei gespeel gebruikt. Er wordt niet genoeg aan de exoten gedaan, nazorg ontbreekt gewoon met alle gevolgen vandien. Er zijn nog enkele plekken Bosanemoon en Speenkruid. Verder groeit er Gewone vogelmelk, Kraailook, Salomonszegel, Lelietje-der-dalen, Daslook. Uit het openbaar domein zijn tegenover vroeger meerdere plantensoorten verdwenen, ze staan nog wel in de ‘onbetreden’ randparken. Enkele tuinsoorten zijn dan weer opvallend verschenen. Geen reden tot gejuich dus…
(FONAS – Floristisch Onderzoek voor Natuurbehoud te Antwerpen-Stad)

BEVERGEIL

Bevers hebben een klier tussen de anus en de geslachtsorganen die een donkerbruine harsachtige substantie afscheidt : castoreum ofte bevergeil. Ze gebruiken dat voor het invetten van hun vacht. De mensen zijn al lang op castoreum uit als kwalenbestrijder, in parfum en als smaakstof in snoep, aardbeisiroop, vanilleijs etc. In Europa is de beverjacht zo goed als verboden, in de meeste landen bij ons heeft men alleen maar wat uitgezette bevers over. In Noord-Amerika worden ze echter nog met honderdduizenden per jaar gevangen (niet zo lang geleden hadden ze er daar nog een 60 miljoen van, vandaag zit het al een stuk onder de 10 miljoen). Om de vacht, maar een castorklier brengt toch ook een 5 dollar op. Bijna alle castoreum komt naar Europa, een groot deel gaat naar de zgn. aroma-industrie, die daar erg geheimzinnig over doet. De Britse sterkok Jamie Oliver sprak er begin over in zijn tv-kookshow en dat zette het Nederlandse consumentenprogramma “Keuringsdienst van Waarde” (KRO) begin 2013 aan het onderzoeken : o.m. de supermarkten Albert Heyn en C1000 zouden bvb bevergeil-vanilleijs verkopen…
(www.kro.nl)

BROEDKASTEN

Sommige bedreigde (en soms zelfs verdwenen) vogelsoorten profiteren goed van overal bij ons opgehangen nestkasten. Bvb de slechtvalk, in 1973 “uitgestorven” : in 2012 werden er 105 jongen geteld met een nestgemiddelde van 3 jongen per succesvol broedsel. In Antwerpen was de dichtheid het grootst met 24 broedparen. De nestkasten werden daar alle zowat 80 m hoog opgehangen, in de haven, op de politietoren, de Boerentoren enz. Het wordt tijd om te bekijken of de slechtvalken nu gewoon hun gang kunnen gaan, teveel nestkasten kunnen contraproductief werken. Ook onze kerkuilen maken (voor 80 % !) gebruik van nestkasten, in de potdicht gemaakte kerken kunnen zij niet meer terecht. Jan Rodts van Vogelbescherming Vlaanderen : “Als je morgen alle kerkuilnestkasten zou weghalen, stuikt de Vlaamse broedpopulatie in elkaar als een kaartenhuisje”.

BRUINVISSEN IN DE SCHELDE BIJ HOBOKEN

Er werden dit voorjaar in onze streken al van meerdere plekken bruinvissen gesignaleerd, bvb vanop de Neeltje Jansplaat in de Oosterscheldemonding, maar speciaal blijven toch de waarnemingen van Luc Van Schoor die vanop zijn vogeltrektelpost in de Hobokense Polder bij de Schelde op 14/4 en 21/4 eventjes vier, resp. vijf bruinvissen kon fotograferen. Jan Haelters zag op 17/4 drie bruinvissen in de Industriedok te Antwerpen, kaai 392.
(www.zeezoogdieren.org)

CITES 16

Van 3 tot 14 maart 2013 werd te Bangkok, Thailand, de 16de CITES-conferentie gehouden : zie ook de rubriek Actualiteit 2013 van deze Nieuwsbrief. Na 12 dagen vergaderen en 165 documenten zijn de natuurbeschermingsresultaten van de conferentie redelijk ok, de meerderheid van de vertegenwoordigers van de 178 lidstaten probeerden een dam op te werpen tegen bvb de Oost-Aziatische gewoonten (China, Japan) die zowat overal in de wereld de fauna en de flora bedreigen. Er is o.m. gewerkt met de zgn. Appendix II van de conventie, dat is een lijst met soorten waarvoor de handel gereguleerd en gecontroleerd moet worden, ten einde het voortbestaan van deze soorten te verzekeren. Op die lijst staan nu ook 5 zwaarbedreigde haaiensoorten (de handel in haaienvinnen !) en de 2 soorten mantaroggen (de handel in kieuwplaten !) naast zeldzame hardhoutsoorten zoals ebbenhout en rozenhout, bijzonder gewild doopr de uitbreidende Chinese middenklasse. CITES gaat dus een grotere rol spelen in de internationale handel – ook de internethandel – in producten van bedreigde soorten en gaat ook nog meer actie ondernemen tegen de stroperij op olifanten en neushoorns. Een soort die helaas niet meer bescherming krijgt is de ijsbeer. Die stond al vermeld in Bijlage II, de internationale handel is dus onderworpen aan regels, maar men wilde een stap verder gaan en de soort in Appendix I zetten (= volledig handelsverbod). Door het verzet van Canada, Noorwegen en de EU (27 stemmen) haalde dat voorstel niet de vereiste 2/3-meerderheid van de stemmen. De handel in vellen van deze bedreigde soort die reeds onder de klimaatopwarming lijdt kan dus doorgaan. In Canada, de VSA, Rusland, Noorwegen en Groenland leven vandaag nog een 20 à 25.000 ijsberen, jaarlijks worden daarvan ca.800 gedood. Internationale natuurbeschermingsorganisaties hopen nu met opgevoerd info- en lobbywerk de ijsbeer op CITES 17, anno 2016 in Zuid-Afrika, alsnog volledig beschermd te krijgen. Even buitenissig als de EU-stem in dit hoofdstuk is de houding van het Wereldnatuurfonds WWF, dat zich verschuilt achter de reeds genoemde klimaatsverandering en de industriële vervuiling in de ijsbeergebieden om het verzet van de EU enz. te steunen !

DINO-KILLER WAS KOMEET

Op de 44th Lunar and Planetary Science Conference, van 18 tot 22 maart 2013 gehouden in The Woodlands bij Houston, Texas (VSA) werden nieuwe gegevens gepresenteerd over de inslag die 65 miljoen jaar geleden de Chicxulubkrater (180 km) in Mexico veroorzaakte en die het einde betekende voor de dinosauriërs en voor 70% van alle andere soorten op aarde. Deze inslag kwam allicht van een komeet, eerder dan van een asteroïde : een kleinere, maar snellere rotsblok dan tot nu toe werd geloofd. Om tot die stelling te komen keken Britse en Amerikaanse astronomen opnieuw naar de iridium-debris die vrijkwam bij de inslag, vergeleken met ook vrijgekomen Osmium-sporen : de ruimterots blijkt veel minder van die debris veroorzaakt te hebben dan eerst aangenomen, wat wijst op een kleiner object…

KUNST-KNOTWILG

Voor hij via Nuenen en Antwerpen naar Parijs en Arles vertrok, volgde zwerver Vincent Van Gogh ook even teken- en schilderlessen bij zijn neef Anton Mauve in Den Haag. Mauve e.a. schilders van de Haagse school werkten een tijdje in Oosterbeek, daar staan in de uiterwaarden van de Rijn veel knotbomen. Mauve pushte Van Gogh om gemakkelijker verkoopbare aquarellen te schilderen en zo realiseerde Vincent in juli 1882 de aquarel De Knotwilg, waar hij bijzonder tevreden over was. Die aquarel werd in 2012 aangekocht door het Van Gogh Museum, Paulus Potterstraat 7 te Amsterdam. Tot midden maart 2013 is ie te bewonderen in het Hermitage Museum, van 1 mei terug in het (gerenoveerde) V.G. Museum.

P.S. Later schilderde Van Gogh nog knotwilgen, bvb “Knotwilgen bij Zonsondergang” met 2 rijenn knotbomen (1888, olieverf op doek op karton), dat je kan zien in het Kröller-Müllermuseum te Otterlo/Veluwe.

VOORJAARSTREK KRAANVOGELS

Nog nooit trokken zoveel kraanvogels via de zgn. “westelijke” route over dit land terug naar hun broedgebieden in het noorden als begin maart 2013. Bij kalm zacht weer en zuidoostenwind vlogen de vogels deze keer ook volop over het centrum van het land. In het totaal werden er tegen de 750.000 waargenomen : alleen op maandag 4 maart al werden 450.000 trekkers geteld (boven de Oostkantons bvb 26.000), op dinsdag 5 maart 200.000. In maart 2011 waren dat er tegen de 275.000, in maaart 2012 een 99.000. Dit jaar liepen 2746 meldingen binnen en er moet natuurlijk meer dan duchtig dubbelgeteld zijn geweest, want het totale aantal kraanvogels in Europa wordt in de meest optimistische schattingen op 400.000 geraamd, waarvan een 250.000 de “westelijke” route zouden nemen…

WINTERMUGGEN

De iets warmere sneeuwdagen van januari 2013 waren een gelegenheid om ze te observeren, de Trichocera’s. Ze zwermen het grootste gedeelte van het jaar, maar nu vallen ze meer op : het zijn slanke, donkere muggen die je in vochtige biotopen in wolkjes ziet rondvliegen. Ze (= mannetjes, ze leven alleen maar om te paren) dansen op en neer boven sneeuw of op zonnige plekjes. Ze lijken een beetje op kleine langpootmuggen. Guido Gezelle dichtte er al over en hier te lande zijn er 10 soorten van. Deze gewone wintermuggen steken niet, maar er is een ander type wintermug aan het opkomen in de steden, die wel steekt : de Londense metromug ofte Culex pipiens F. molestus. Een aggressieve muggensoort die ooit uit Zuid-Europa naar het noorden trok, eerst in Londen en later bij ons in de metrostelsels een warm plekje vond en evolueerde tot een eigen soort. In 2009 was er een plaag van deze mug in de metro van Amsterdam.

NACHTVLINDERS ZIEN

In winter en voorjaar is stropen hét middel om nachtvlinders te zien te krijgen. In maart-april kan je bvb een tiental voorjaarsuilen lokken door tegen de schemering op de stam van een boom plekken van 10 x 10 cm in te smeren met stroop : een kwartier later kan je de vlinders verwachten. De beste nachten zijn niet te koud, wat vochtig en met weinig wind. Een strooprecept vind je op www.vlinderstichting.nl, de belangrijkste ingrediënten zijn altijd stroop, suiker of fruit en alcohol – de alcohol verspreidt de geur van de zoetigheid beter…

OLIFANT

In Afrikaanse landen met een laag scholingsniveau, veel corruptie en een slechte economie komen relatief weinig olifanten voor. Landen waar dat beter is geregeld tellen juist meer olifanten. Volgens de Universiteit Wageningen betekent dit dat goed onderwijs en een goede economische ontwikkeling meer dan het uitbreiden van natuurgebieden helpen om de olifant in Afrika te beschermen. Het opstarten van nieuwe plannen voor de bescherming van olifanten en waarschijnlijk ook van andere grote diersoorten is vandaag minder belangrijk dan de ondersteuning van die plannen door de lokale bevolking. Natuurlijk is het ook essentieel dat goedopgeleide en betrouwbare officials toezien op de uitvoering van die plannen. In feite is dit inzicht al zo oud als de straat (in 1986 uitte de directeur van de natuurbewaring in Windhoek, toen nog Zuid-West-Afrika, precies dezelfde overtuiging t.a.v. een groepje N2000-bezoekers) maar er werd en wordt nauwelijks naar gehandeld…

(de Boer, F. e.a. : Understanding spatial differences in African elephant densities and occurence, a continent-wide analysis. Biological Conservation, Vol.159, March 2013, pp. 468-476)


AFRIKAANSE OLIFANT : 20% BEDREIGD

Voorlopige beslagcijfers (41,6 ton tot het najaar) wijzen erop dat 2013 een nieuw dieptepunt gaat betekenen in de illegale ivoorhandel. Een vijfde van alle Afrikaanse olifanten dreigt de komende 10 jaar het slachtoffer te worden van stroperij en illegale handel. Boosdoener is de niet aflatende vraag naar ivoor uit China en Thailand. Het ivoor verlaat Afrika vooral via Tanzanië en Kenia, Turkije speelt daarna een bedenkelijke draaischijfrol. De Internationale Unie voor Natuurbehoud (IUCN) houdt begin december een conferentie in Botswana, om te zien of en wat hier aan kan gedaan worden (zie rubriek Actualiteit van onze Nieuwsbrief 2013).

PENISPLANT (AMORPHOPHALLUS TITANUM)

In de Plantentuin van Meise staan twee reuzenaronskelken, een cadeau van de Botanische Gärten der Universität Bonn. Reuzenaronskelken kunnen om de 3 jaar bloeien. In 2008 was dat in Meise voor de eerste keer het geval, in 2011 gebeurde het opnieuw bij één van de twee (zie onze Nieuwsbrief 2011). En dit voorjaar is er weer een knop ontdekt, allicht wordt dat tegen midden juli 2013 een mooie bloem : je kan het volgen op de Facebookpagina van de Plantentuin. De opengebloeide aronskelk van 2011 had een hoogte van 2.35 m en een gewicht van 47.5 kg. De bloem valt maar 72 uur te zien en stinkt naar lijken. De reuzenaronskelk werd in 1878 ontdekt in de evenaarsregenwouden van Sumatra, Nederlands-Indië. In het groeiseizoen produceert de knol ofwel een blad van 2-6 m hoog ofwel een reuzenbloem van 1,5-3 m hoog. Vanwege de fallusvorm wordt de plant ook penisplant genoemd.

ZONDER REGENWOUD GEEN WIND OF REGEN ?

Tot vandaag was het uitgangspunt van de gangbare weermodellen dat het verschil in temperatuur tussen twee gebieden de belangrijkste motor is voor het ontstaan van wind en regen.
Maar in 2006 ontwikkelden twee Russische wetenschappers, Victor Gorshkov en Anastassia Makarieva (unief van Sint-Petersburg) de “Biotic Pump”-theorie : een nieuwe meteorologische hypothese waarin condensatie en niet temperatuur de winden en de regens stuurt.
In een recent artikel in het tijdschrift Atmospheric Chemistry and Physics wijzen zij er, samen met co-auteur Douglas Sheil (Southern Cross University, Lismore, Australië en Institute for Tropical Forest Conservation IFTC) op dat regenwouden hier een cruciale rol spelen. De condensatie van miljoenen liters water boven grote wouden zorgt voor een gigantisch effect. Die condensatie leidt tot een verlaging van de luchtdruk en doet wind ontstaan. Klimatologen hebben nooit groot belang gehecht aan dat effect. Een en ander zou ook meebrengen dat de regenval op het land met 90% kan afnemen naarmate de regenwouden verdwijnen : de hoeveelheid regenwouden in de wereld bepaalt volgens genoemde wetenschappers wind en regen over onze hele planeet…

Pearce, Fred. Keep rainforests – they drive the planet’s winds. New Scientist Magazine nr 2902 (02.02.2013), p.11.

Makarieva, A.M. cs. Where do winds come from ? A new theory on how water vapor condensation influences atmospheric pressure and dynamics. Atmospheric Chemistry and Physics 13, pp.1039-1056, 2013. DOI : 10.5194/acp-13-10939-2013.

SLECHTVALKEN IN MECHELEN

In Mechelen broeden de slechtvalken sedert 2004 gewoon op een kale richel, 90 m hoog op de Sint-Romboutstoren. Op het vm.kerkhof onder de toren zie je dan vaak prooiresten liggen : stadsduiven, ook houtsnippen ! Alles bij elkaar hebben nu wel een behoorlijk aantal steden slechtvalken als broeders op hun torens : Aalst, Antwerpen, Brugge, Brussel, Gent, Lier, Lokeren…

SPIN

In mei 2013 werd in een stadstuin te Antwerpen de 250ste spinnensoort voor de stad aangetroffen : de tuinwolfspin of gevlekte wolfspin (Pardosa amentata), een spinnetje dat geen web weeft maar actief zijn prooi achtervolgt en in een helse sprint grijpt.
Onderzoek van de spinnenvereniging Arabel tussen 2004 en 2008 had destijds 249 spinnensoorten doen registreren, dat is zowat 1/3 van alle spinnensoorten in dit land.

OVERBEVISSING : DE BIJVANGSTEN

Om wat te doen aan de overbevissing beslisten de EU-ministers van visserij op 27.01.2013 eindelijk dat vissers in de EU hun “bijvangst” niet meer in zee mogen teruggooien. Die bijvangst bedraagt per kilo gevangen vis zo’n 1,5 à 2,5 kg. Tot nu werd ie gewoon teruggegooid, al waren de meeste vissen gewond/dood of gingen ze daarna vlug dood. Met het oog op duurzaamheid moet de bijvangst voortaan (= binnen 6 jaar) aan land worden gebracht en verkocht. Er zijn wel uitzonderingen voor vissers die ver in zee vissen en de reders krijgen de tijd om hun netten en schepen aan te passen. Het Europees Parlement moet zich nog over de afspraak buigen en er zijn al belangenverenigingen die misbaar maken : zeevissers die o.m. vrezen dat de concurrerende viskwekerijen er beter bij zullen varen via het vismeel dat de bijvangst gaat opleveren. Ondertussen signaleert Interpol bedenkelijk toenemende criminaliteit bij de visserij : illegale vangsten, het bewust foutief labelen (wat zit er in de vissticks van de supermarkten ?) etc.

TUINVOGELS

De Nederlandse Vogelbeschermingsvereniging publiceerde een leuke gratis brochure van 16 blz over tuinvogels, vogelvriendelijk tuinieren, vogels voeren enz. : “Genieten van vogels in uw tuin”. Aanvragen via www.vogelbescherming.nl.
P.S. De directeur van Vogelbescherming, Fred Wouters is nog n ouwe vriend van Natuur 2000, hij zat destijds in de KJN, waarvan de zomerkampen in Florzé bij Aywaille erg populair waren bij N2’ers…

VLEERMUISKASTEN !

Er komt meer aandacht voor de vleermuiskasten. De Nederlandse Zoogdiervereniging (www.zoogdiervereniging.nl) organiseerde er in oktober 2012 een symposium over en publiceerde op formaat 10,5 x 7,5 cm een “richtlijn voor een succesvolle vleermuiskast”. Het symposium vind je terug op http://www.vleermuiskasten.nl. Belangrijk om weten is dat de meeste vleermuiskasten alleen geschikt zijn om verblijfplaatsen van vleermuizen in bomen of gebouwen tijdelijk te vervangen : tot een bos weer voldoende geschikte bomen heeft of tot een nieuw of gerenoveerd gebouw weer onderdak kan bieden aan vleermuizen. De kasten worden ook best met meer tegelijk aangebracht, zo dicht mogelijk bij de oorspronkelijke verblijfplaats. Hou verder rekening met de “acceptatietijd”, vastgesteld is bvb dat rosse vleermuizen de kasten pas beginnen te gebruiken 650 dagen na het ophangen… Wat dat ophangen betreft : in de zon, dus op het zuiden of westen, minimaal 4 meter hoog en met minimaal 3 meter vliegruimte voor en onder de kast. Vleermuiskasten zijn meestal niet geschikt als winterverblijf, omdat ze zelden vorstvrij zijn.
(Meer info ook op www.vleermuis.net)

VLEERMUIZEN EN DOLFIJNEN ONDERGINGEN DEZELFDE GENETISCHE VERANDERINGEN OM ECHOLOCATIE TE ONTWIKKELEN

Vleermuizen en dolfijnen hebben blijkbaar in de loop van hun evolutie dezelfde eigenschap van echolocatie (om zich te oriënteren en om prooi op te sporen) ontwikkeld via dezelfde veranderingen in hun DNA. Dat vertelt “Nature” van 5 september 2013. Het gebeurt wel meer dat twee verschillende diergroepen eenzelfde eigenschap ontwikkelen (bvb het aanmaken van antivrieseiwitten door vissen aan de Noord- en Zuidpool). Dat heet convergente evolutie. Maar het uitzenden van ultrasoon geluid via mond of neus enerzijds en het opvangen en verwerken van het teruggekaatste geluid anderzijds vraagt specifieke aanpassingen van gehoor en hersenen. Om hier meer over te weten te komen brachten wetenschappers van diverse nationaliteit, o.m. afkomstig van de School of Biological and Chemical Sciences van de University of London het DNA van 6 vleermuissoorten in kaart : 4 echolocaters en 2 andere. De genen van die 6 soorten werden vergeleken met DNA-sequenties van o.m. koe, muis, mens en ook dolfijn. Daarna zoomden ze in op genen die een rol spelen bij gehoor en bij het gezichtsvermogen. Uit deze analyse bleken de gehoor- en zichtgenen van dolfijnen en van echolocatie gebruikende vleermuizen identiek te zijn : ze hadden op exact dezelfde plekken in het DNA veranderingen ondergaan, bij de coderende eiwitten waren op identieke plekken aminozuren veranderd…

Joe Parker cs & Stephen J. Rossitter : Genome-wide signatures of convergent evolution in echolocating mammals.
Nature (2013), doi: 10.1038/nature12511

www.nature.com

WOLVEN NABIJ ?

De vzw Landschap organiseerde in januari 2013 een Meldpunt Wolven met als website www.welkomwolf.be. Ze wijst er op dat Duitse en Franse wolven tot op 200 km van de Beneluxgrenzen genaderd zijn, dat is de afstand die een jonge wolf in één week kan overbruggen. Het Nederlandse tv-programma Wetenschap24 maakte daar op 24 maart kanttekeningen bij op basis van de niet zo positieve ervaringen van o.m. Scandinavische biologen met het reële samenleven van mensen en wolven…

P.S. Landschap houdt in maart 2013 een lezingenreeks over de comeback van wolf en lynx met lynxkenner Bernard De Wetter.

P.P.S. Natuur 2000 publiceerde zo’n 10 jaar geleden een Wolvenbeenbreek dankzij de gegevens van leden die toen in Slovakijke wolven gingen bestuderen. Er zijn nog een aantal exemplaren van beschikbaar.