Artikel 2

ZONDAG 17 AUGUSTUS 2014

OP CULTUUR-NATUUR-EXCURSIE NAAR HALSTEREN : FORT DEROOVERE EN OMGEVING

In de voorzomer van het jaar 1568 begon Willem van Oranje (zie Google) zijn Opstand tegen de Spaanse Hertog van Alva die in opdracht van koning Filips II bij ons wreed was komen huishouden na de Beeldenstorm. Dat was ook het begin van een oorlog van de Nederlanden tegen Spanje die, met een 12-jarig bestand tussen 1609 en 1621, zou blijven duren tot de Vrede van Münster in 1648.

Bij het begin van die Tachtigjarige Oorlog stond de stad Bergen op Zoom, gelegen op de grens van Brabant en Zeeland, bloot aan een reeks belegeringen. Toen werd duidelijk dat de stad aan haar noordkant erg kwetsbaar was. En juist dat Bergen op Zoom (in 1577 door Hollandse en Zeeuwse opstandelingen veroverd op Duitse huurlingen van Spanje) had een groot strategisch belang. Werd deze stad ingenomen, dan lag de weg naar Zeeland en Holland wijd open, incl. de vaarroute van Zeeland naar Holland…

De Staten (= regeringen) van die Provincies Zeeland en Holland besloten daarom in de regio een goed versterkt gebied te creëren met in het zuiden Bergen op Zoom als vestingstad en in het noorden een andere vestingstad, Steenbergen. Zo werd in 1628 door bijna 4000 arbeiders de zgn. Westbrabantse Waterlinie aangelegd langsheen 4 aarden forten. Bij de bouw van die linie maakte men zoveel mogelijk gebruik van de natuurlijke omstandigheden. In het westen werd het gebied beschermd door de Oosterschelde en aan de oostkant lag in de richting van Steenbergen een omvangrijk moerasgebied. Dat moeras werd echter wel doorsneden door 3 hogere zandruggen die zo een zwakke schakel vormden in de verdediging. Het is dan ook daar dat de vierhoekige forten Moermont, Pinssen en de Roovere werden gebouwd naar het zgn. Oudhollandse gebastioneerd vestingsmodel. Bij de oplevering van de forten in november 1628 kwam stadhouder en leger-opperbevelhebber Frederik-Hendrik van Oranje-Nassau op inspectie in gezelschap van zijn secretaris, de beroemde Constantijn Huygens (zie Google). Die vond het allemaal “aerdig geback” en maakte van de inspectiereis een dichterlijk verslag.

Het Fort de Roovere, vernoemd naar de toenmalige begeleider van de bouw en burgemeester van Dordrecht Pompejus de Roovere (sic), was het grootste van het stel. Het adres vandaag is Schansbaan 8, 4661 PN Halsteren en vlakbij ligt een kleine parking waar we de excursie starten.

FORT DE ROOVERE

Fort de Roovere is een regelmatig gebastioneerd vierhoekig fort met omtrek van 840 m, met een natte binnen- en buitengracht en met voor zijn oostelijk front een hoornwerk, een ravelijn en een gedekte weg. De wallen zijn 8 tot 10 meter hoog, het binnenterrein (de Terre) meet 100 m x 100 m : toen het fort nog in gebruik was stonden hier houten barakken voor de soldaten, een kerkje, een stenen kruithuis en een dito commandantswoning. Als toegeving aan de bezoekers is de oostwal doorbroken en heeft men daar de ondertussen beroemd geworden loopbrug door de fortgracht aangebracht, die enkele architectuurprijzen wist te winnen.

Het fort werd in 1628 aangelegd op een hoge zandrug die een waterscheiding vormde tussen twee afzonderlijk te inunderen gebieden : een zuidelijk gebied met behulp van zoet water van het riviertje de Zoom en anderzijds het zgn. Halsterse Laag, met zout water via een sluis in de Steenbergse Vliet bij Fort Henricus (Steenbergen). Een serieuze belegering hadden fort en omgeving te doorstaan in 1747, tijdens de Oostenrijkse Successieoorlog (1740-1748). Toen bivakkeerden eventjes 75.000 Fransen van Lodewijk XV voor Bergen op Zoom. Die deden ook een aanval op Fort de Roovere. Metaaldetectorfreaks vinden tot vandaag nog kartetskogels die van deze belegering afkomstig zijn. Maar het haalde niets uit. Het onineembaar geachte Bergen moest zich wel overgeven en toen diende ook de fortbemanning zich terug te trekken. Uiteindelijk werd Fort de Roovere in 1816 door het Nederlandse Ministerie van Oorlog als vestingwerk opgeheven en in 1854 werd het overgedragen aan de Dienst der Domeinen. Anno 2014 zijn het fort en de grachten (inmiddels Rijksmonument) eigendom van de gemeente Bergen op Zoom. Het gebied ten oosten en ten zuiden van de buitengracht is van de Stichting Het Brabants Landschap.

DE LINIE

Tussen Fort de Roovere en het iets zuidelijker gelegen Fort Pinssen is nog een stuk herkenbaar van een in 1727 aangelegde liniewal : een 5,5 km lange en 5 m hoge aarden wal met bastions en redans (= V-vormige uitsprongen, gericht naar de aanvallers) en met daarvoor een gracht. Ten noorden van Fort de Roovere lagen dan weer het Halsters Laag en het Oudlands Laag : moerassen en vm. turfwingebieden die tussen 1628 en 1832 een paar keer bij vijandelijke dreiging 60 à 80 cm onder water zijn gezet (de zgn. inundaties) – te diep om te doorwaden met wapens en te ondiep om te bevaren. Zoals al vermeld gebruikte men voor de inundatie van de gebieden ten noorden van Bergen op Zoom zout water, uit het Volkerak, en voor de gebieden ten zuiden en ten oosten van Bergen zoet water, uit de vennen, riviertjes en kanalen in het grensgebied met de Zuidelijke Nederlanden – het tegenwoordige België.

DE EXCURSIE

Vertrokken van de parking bij de kruising van de Halsterse Schansbaan en de Ligneweg betreden we Fort de Roovere langs de westelijke keel- of achterkant, waar vroeger een toegangspoort was. Alles maakt hier een erg “ledige” indruk, zoals het enigszins was in de militaire tijd. Maar voor 2010 en sedert ongeveer 1830 zag het er hier compleet anders uit, had de natuur zijn gang kunnen gaan. In het vroegere open terrein rond en in het fort was bos ontstaan, waren de grachten ook dichtgegroeid of werden ze omgevormd tot weiland. In de mix van naaldbos en spontaan eikenberkenbos broedden spechten, sperwers, buizerden, gekraagde roodstaarten, bosuilen. In de grachten vond je salamanders en padden, de oranjetip vond er een geschikt voortplantingsbiotoop enz. Om alles terug “vrij” te krijgen moest er nogal wat natuur sneuvelen en die kaalslag leverde lokaal veel protest op.

Binnen het fort passeren we een enveloppe ofte smalle, doorlopende extra-beschermingswal rond de binnengracht en komen we dan op het terre- of binnenplein. Van de vroegere bebouwing is er geen spoor meer, naar de ligging ervan wordt archeologisch onderzoek verricht. We doorkruisen het binnenplein, klimmen even naar het zuidoostelijke bastion waar een blijkbaar uit Luik afkomstig kanon opgesteld staat. Vanaf de saillant van dit zuidoostelijke bastion hebben we een uitzicht op het noordoostelijke bastion (men wil daar in 2015 een uitkijktoren bouwen), op de fortgracht met de “loopgraafbrug” uit 2010 die de oostelijke courtine ofte vestingwal verbindt met een buitenwal, op het oostelijk buitenwerk en op de nog beboste omgeving van de tenaille ofte tangwerk ten oosten van het fort. De omgeving van die tenaille vertoont een dichte varenbegroeiing, op de oeverkanten zien we diverse gaten. IJsvogels worden hier veel gezien en de tijd van de dassen is ook nog niet zo lang geleden…

Voorbij de tenaille lopen we door het landgoed Buitenlust van de Stichting Brabants Landschap (133 ha) en komen we uit op de herstelde Waterlinie tussen Fort de Roovere en Fort Pinssen : de aarden liniewal met bastions en redans en een uitgebaggerde liniegracht. De linie sluit aan bij een waterwingebied, bestaande uit bos, graslanden en houtwallen . In het vochtige loofhoutbos, de moerassen en aan de slootkanten komt de koningsvaren voor en je vindt hier ook de Phegea, een nachtvlinder die in de actieve vliegtijd, juni-juli, ook overdag te zien is. Bij Fort Pinssen, ook uit 1628, werd het struikgewas op de taluds evengoed verwijderd en staat er terug water in de buitengracht. Voor het front van het fort staat er aan de oostzijde van de Linie nog een klein voorwerk, een zgn. demi-lune.

REIGERS

Op de terugweg van Fort Pinssen naar Fort de Roovere belanden we terug in Buitenlust. Hier ligt het in 2003 herstelde Wasven, met vlakbij in een dennenbos de grootste blauwe reigerskolonie van West-Noordbrabant (120 nesten). De groei ervan liep parallel met het ontstaan van het Markiezaatsmeer in een stuk vm.Oosterschelde ten westen van Bergen op Zoom. In de poeltjes in de buurt vind je vinpootsalamander en alpenwatersalamander. Aan de randen van het ven wemelde het van de zilverreigers en er vlogen ook buizerden rond.

Verder onderweg komen we bij de Ster van Eggers, genoemd naar een Zweedse baron von Eggers die in 1747 de belegering van Fort de Roovere “versloeg”. Het gaat om een overwoekerde buitenschans. In het omringende bos zijn de voorbije jaren zichtlijnen gekapt, waardoor men vanaf de Terre van Fort de Roovere de Ster kan zien liggen.

We bevinden ons nu ook niet zo ver van de nieuwaangelegde A4-snelweg Bergen op Zoom-Dinteloord-Rotterdam. Die verstoorde de kern van het verspreidingsgebied van de reeds vernoemde Phegeavlinder in het landgoed Buitenlust. De toekomst zal leren of de populatie deze ingrijpende doorsnijding van haar leefgebied zal overleven.

En iets daarna staan we terug bij het fort en bij ons vertrekpunt…

J.S.

Literatuur :
Sinke, J. Kroniek van de Roovere 1628-1993. Heemkundekring ‘Halchterth’, Halsteren, 1993 : 96 blz.