Natuur

OVER CORONA, GEZONDHEID EN VLEERMUIZEN

Het einde van 2019 en het begin van 2020 zullen later in de geschiedenisboeken vermeld worden als de tijd van het uitbreken, na een krampachtige Chinese “doofpotpoging” begin december ’19, van het nieuwe Wuhan-coronavirus in China : gevolgd door een wereldwijde verspreiding. Een virus met de voorlopige WHO-naam 2019 novel coronavirus ofte 2019-nCoV, van de familie coronaviridae. Later zou het de naam COVID-19 krijgen, Corona Virus Disease 2019. Het 2019-nCoV is verwant aan coronavirussen die gevonden werden bij hoefijzerneuzen in de Chinese provincie Yunnan. Er lijkt wel een tussengastheer een rol te spelen, die 2019-nCoV over zou brengen van de vleermuizen naar de mensen. Dat gebeurde destijds namelijk bij de overdracht van het SARS-coronavirus : het gaat hier om de Witsnorpalmroller, een roofdier (civetkat) dat in China gezocht is voor zijn vlees. Er wordt nu gedacht aan schubdieren : de illegale handel daarin is in China wijdverspreid en de genetische sequentie van een virus dat in hun lichaam circuleert komt voor 99% overeen met die van het coronavirus. In 2012 waren de eerste SARS-infecties gerelateerd aan wildedierenmarkten, ook de uitbraak van 2019-nCoV zou daar kunnen begonnen zijn. Daarna hebben mensen elkaar onderling besmet met de tragische gevolgen vandien…

Hebben onze vleermuizen daar iets mee te maken ? Neen. In de Lage Landen wordt er de laatste jaren nogal wat op vleermuizen gelet vanuit de virologische hoek. Vleermuizen lijken reservoirs te zijn van honderden coronavirussen, ook de ‘onze’, maar er is bij deze nog geen enkel voor de mens gevaarlijk coronavirus gevonden. De hoefijzerneuzensoort uit Yunnan die de hierboven vernoemde coronavirussen vertoonde komt niet in Europa voor. Onze inheemse vleermuissoorten zijn in het algemeen ongevaarlijk voor onze gezondheid. Het enige bestaande infectierisico komt van de mogelijke (!) aanwezigheid bij de Laatvlieger en de Meervleermuis van een virus dat hondsdolheid veroorzaakt. Zo’n infectie kan je alleen oplopen door een beet van een besmet dier. Met vleermuizen die je op de grond vindt is het daarom zaak om voorzichtig te zijn en deze dieren niet aan te raken met je blote handen...

P.S. Er is bij wetenschappers uiteraard veel debat over de vraag waarom vleermuizen zoveel virussen (soms 130 virussoorten bij 1 vleermuissoort) bij zich dragen. De leeftijd heeft er allicht mee te maken. Vleermuizen worden, voor zo’n kleine beestjes, heel oud : tot gemiddeld 40 jaar. Ze hebben dus veel tijd om virussen op te lopen. Vleermuizen leven ook in grote groepen en zijn zo een stabiele en gastvrije gastheer. Bovendien heeft de evolutie voor de vleermuizen een bijzondere keuze gemaakt. Het vliegen kost zoveel energie aan vleermuizen dat het gunstiger leek om het afweersysteem op een aangepast laag pitje te zetten. Ze tolereren virussen. Die zitten in hun lijf, hun organisme bestrijdt de virussen niet maar ze worden er ook niet ziek van : sommige virussen leven al miljoenen jaren in een vleermuissoort.

 

VLEERMUIZEN

MOPSVLEERMUIS EUROPESE VLEERMUIS VAN HET JAAR

Batlife Europe, de koepelorganisatie voor de bescherming van de vleermuizen in Europa, heeft de mopsvleermuis (naam naar de mopshondachtige snuit) uitgeroepen als Europese vleermuis van het jaar voor 2020-2021. De mopsvleermuis is in de meeste Europese landen zeldzaam en zelfs bedreigd, o.m. door de aantasting van loofbossen en het verwijderen van oude/dode bomen. Een paar jaar geleden (2013) berichtten wij in de rubriek Wereld van deze Nieuwsbrief over de verstoring van de grote mopsvleermuizenkolonie in het fort van Brest-Litovsk, Wit-Rusland, en recentelijk (2019) in de rubriek Natuur ook over de vondst van kraamkolonies in de bossen van het Waasland bij ons.

VOGELS

PESTICIDEN IN MEZENBOLLEN

SOS Mezen vond in het voorjaar van 2019 dat er in 95 mezennesten met dode mezenjongen 36 verschillende pestciden zaten : die jonge mezen waren amper twee weken oud, ze kwamen nog niet buiten de nestkast… VELT (Vereniging voor Ecologisch Leven en Tuinieren) vroeg zich daarom af of mezenbollen een bron van pesticiden kunnen zijn en vroeg het lab Primoris te Zwijnaarde 15 verschillende bollen te onderzoeken die begin november aangekocht werden. De belangrijkste resultaten : In 10 van de 15 mezenbollen trof het lab geen pesticiden aan, in 5 wel. Slechts 3 van de 36 in dode jongen gevonden stoffen werden teruggevonden in de mezenbollen. De in de mezen bollen teruggevonden pesticiden zijn vooral insecticiden : die werden waarschijnlijk gebruikt bij de teelt van de ingrediënten van de bollen zoals zaden, pitten, granen.

Zie ook www.sosmezen.be

Bron : Seizoenen (VELT), Nr.1/2020.

WIEREN

ZEEWIERTEELT

Er is meer voedsel nodig voor de groeiende wereldbevolking. Terwijl er steeds minder grond en water beschikbaar is voor landbouw. Daarom wordt er gekeken naar de mogelijkheden van zeewierteelt. Zeewier heeft alleen zonlicht nodig, euivert het zeewater en valt bijzonder duurzaaam te kweken. Ook is het een soort superfood dat makkelijk te verwerken is in gezond en smakelijk voedsel voor mens en dier.

Zie ook wur.nl/zeewierr

© 2020 Nieuwsbrief Natuur 2000 | WordPress Theme: Cosimo by CrestaProject.