Artikel 2

ALEXANDER von HUMBOLDT (1769-1859)

Jo Orts

Bijdrage in voorbereiding, n.a.v. de publicatie medio 2016 van de Nederlandse vertaling van het boek The Invention of Nature door Andrea Wulf.

(Alexander von Humboldt (1769-1859 : geboortedag binnenkort 250 jaar geleden) was een moedige ontdekkingsreiziger en de bekendste wetenschapper van zijn tijd. Hij had een grote honger naar avontuur, hij beklom de hoogste vulkaan ter wereld, reisde door Siberië en deed onderzoek in de meest afgelegen gebieden. Met zijn ideeën was hij zijn tijd ver vooruit. Hij bezag de natuur bvb als een geheel, waarin alles met alles samenhangt. Zijn gedachten werden aangescherpt door zijn vriendschap met Goethe en Jefferson, die gedachten vormden op hun beurt een inspiratiebron voor grootheden uit diverse disciplines w.o. Darwin, Bolivar, Wordsworth en Thoreau…)

 

Ondertussen :

VON HUMBOLDT IN DE LAGE LANDEN

Met de story van von Humboldt te lezen , moest ik ook denken aan Kuhl en van Hasselt  (Nieuwsbrief 2020 : ze zouden von Humboldt in Parijs ontmoeten in 1819).  Evenzeer geprivilegieerde en reislustige gasten  met een grote belangstelling,  die als jongeren gepusht werden door wetenschappers in hun omgeving en die zich op korte tijd een serieuze basiskennis weten eigen te maken.

Von Humboldt is 21 als hij anno 1790 op reis gaat naar België, Nederland en Engeland en terug via Frankrijk, als voorbereiding op een geplande wereldreis.  In Oostende ziet hij voor het eerst de zee, hij is er erg van onder de indruk.  Buiten Antwerpen doorkruist hij een “treurig, uitgebreid heidelandschap’ op weg naar Moerdijk. Hij bezoekt in Holland diverse “naturaliënkabinetten” en het Teylers Museum te Haarlem. Hij bewondert daar de Ovale Zaal  en ontmoet er de bekende wetenschapper en onderzoeker van de elektriciteit Martinus van Marum. Diens elektriseermachine is nu een pronkstuk in het Teylers. Van Marum  bezorgde het museum ook enkele wereldberoemde fossielen  zoals dat van een reuzensalamander, nog op naam gebracht door Cuvier. In Amsterdam bezoekt von Humboldt de grote vogelcollectie van Jacob Temminck,  thesaurier van de toen nog bestaande Verenigde Oostindische Compagnie (zoon Coenraad zou in 1820 de eerste directeur worden van het nieuwe Rijksmuseum van Natuurlijke Historie te Leiden, nu Naturalis).  Daarna gaat het richting Hellevoetsluis voor de overtocht naar Engeland…

In 1796 overlijdt van Humboldt’s moeder en kan hij beschikken over een ruim vermogen  en zo kan hij samen met botanicus Bonpland  zijn beroemde reis naar Zuid-Amerika (1799-1804) realiseren.  Na zijn terugkeer vestigt hij zich te Parijs  en veel later, in 1827, te Berlijn waar hij Kosmos en Ansichten der Natur schrijft.

(Lit. : Gerhard Cadee in Natura, jg 117/1)

© 2021 Nieuwsbrief Natuur 2000 | WordPress Theme: Cosimo by CrestaProject.